Wikia


Thog rheis heven nhaar de Sjein-machien te staan spikkheleren.Edit

Onder de menigvuldige kunstgrepen, waarvan de dwingelandij, gedurende de jaren der overheersching, zich, ook in ons vaderland, tot verschillende einden bediende, trok vooral de invoering der Telegraaf de algemene opmerking tot zich. Bijzonder in mijne vaderstad, Amsterdam, was ik meer dan eens getuige van de aandacht en belangstelling, welke het in werking brengen van dezelve bij het publiek verwekte. Nog wandel ik, in mijne verbeelding, op het Weesperplein en langs de Schans, van de Amstelsluis naar de kant der Plantaadje, of buiten de Weesperpoort, en zie de navorschende blikken der opmerkzame voorbijgangers naar de op dien oogenblik in werking gebragte Telegraaf gerigt. Met gretige oogen, waarin eene bevreemde nieuwsgierigheid te lezen is, staat de oplettende waarnemer elke manoeuvre der machine gade. Hier houdt een voorbijganger, met het hoofd in den nek, den starende blik naar omhoog gerigt, als nam hij daar zoo even een of ander merkwaardig natuurverschijnsel in den dampkring waar; ginds voegt een paar wandelaars zich vertrouwelijk bij een’ derden, of deze welligt achter het fijne van de zaak ware: maar geen uit den gapende kring is een ingewijde; geen ontcijfert de geheimzinnige bewegingen, de zijdelingsche wendingen, de rigtingen links en regts, der Telegraaf, die voor de meesten der toeschouwers even zoo raadselachtig, zoo onverklaarbaar zijn, als de Hieroglyphen der oude Egyptenaren, of het teekenschrift der Chinezen; zelfs mousje, zijne waren langs de straat uitventende, verlaat voor een oogenblik kruiwagn en koopmanschap, om, zoo als hij zich op zijn anti-Hebreeuwsch uitdrukt, "thog rheis heven nhaar de Sjein-machiene te sthaan spikkheléren.’’
  • KLEINE VERTELLINGEN, ANEKDOTEN, EN ANDERE VERSTROOIDE OPSTELLEN. Door J.B. Christemeijer AMSTERDAM bij G.J.A. Beijerinck, 1824


Externe linksEdit

Wikipedia: Telegrafie